de aard van de verkondiging van het evangelie

De aard van de verkondiging van het evangelie

Evangelisatie betekent: het goede nieuws verspreiden dat Jezus Christus voor onze zonden, stierf en naar de Schriften uit de doden opstond en dat Hij nu als de heersende Koning de vergeving der zonden en de bevrijdende gave van de Heilige Geest aanbiedt aan allen die zich bekeren en geloven. Voor evangelisatie is onze aanwezigheid als christenen in de wereld onontbeerlijk, evenals die vorm van dialoog die, door een meelevend luisteren, het begrijpen van de ander tot doel heeft.

Maar evangelisatie zélf is, naar haar aard, de verkondiging van de historische, bijbelse Christus als Heiland en Heer, met als doel, de mensen te bewegen persoonlijk tot Hem te komen en zo met God verzoend te worden. Wie de uitnodiging van het evangelie uitspreekt mag de kosten van het discipelschap niet verzwijgen. Nog steeds roept Jezus allen, die Hem willen volgen, op zichzelf te verloochenen, hun kruis op zich te nemen en zich met zijn nieuwe gemeenschap te identificeren. Onder de gevolgen van de evangelieverkondiging zullen dan ook gevonden moeten worden: gehoorzaamheid aan Jezus Christus, zich voegen in zijn Kerk en verantwoordelijke dienst in de wereld.

(1 Cor. 15:3, 4; Hand. 2:32-39; Joh. 20:21; 1 Cor. 1:23; 2 Cor. 4:5; 2 Cor. 5:11, 20; Luc. 14:25-33; Marc. 8:34; Hand. 2:40, 47; Marc. 10:43-45).

Uit de verklaring van Lausanne paragraaf 4. (1974)